De bijdrage van spoorwegen aan de verbetering van de bijenstand --------
Als grootgrondbezitter kan de Nederlandse Spoorwegen zich in het internationaal jaar van de biodiversteit profileren als een groen bedrijf. Het netwerk van de NS was in 1990 ruim 3000 km lang en het aantal stations en emplacementen lag boven de 400. Op de emplacementen waren ruim 150 los- en laadplekken aanwezig. De totale oppervlakte bedroeg ca. 13.000 ha. Het spoor ligt op allerlei grondsoorten en gaat door alle plantengeografische districten en door de meeste landschapstypen.
Tot voor 1995 gaven de spoorwegen daardoor een representatief beeld van de Nederlandse flora. Zowel landelijk als locaal zijn er grote verschillen in het milieu aanwezig, onder meer omdat vooral spoorlijnen op uiteenlopende manieren zijn aangelegd. Spoordijken en veel emplacementen hebben een zandlichaam dat met zand van elders is aangevoerd. Zo komen er in klei- en veengebieden spoorwegterreinen voor die met duinzand of met zand van de Utrechtse Heuvelrug zijn aangelegd. Dit was aan de vegetatie feilloos af te lezen. Maar op veel plaatsen zijn de spoorweggen ook ingegraven (onder meer Veluwe, Steenwijk, Twente, Zuid-Limburg, Salland). Hier kon de vegetatie zich op de “natuurlijke”bodem ontwikkelen.
Tussen 1980en 1989 werden ca. 1080 plantensoorten genoteerd waarvan 916 soorten op de Standaardlijst van de Nederlandse flora voorkwamen. 335 soorten daar van waren vrij zeldzaam tot zeer zeldzaam. Meer dan 200 spoorweglocaties met een totale lengte van 300 km en 173 spoorwegemplacementen hadden een bijzondere floristische betekenis. Bij een actualisering in 1994-1996 was dat i.v.m. allerlei ingrijpende werkzaamheden al verminderd en deze trend heeft zich tot heden voortgezet.
De Nederlandse spoorwegen hebben (of hadden tot 1995) een zeer rijke wilde bijenfauna en vormde een van de grootste drachtgebieden van Nederland. De betekenis voor wilde bijen en honingbijen is nog steeds aanwezig. Door beheermaatregelen kan dit worden verbeterd. Vrijwel alle typen drachtgebieden komen nog steeds op spoorwegterreinen voor.
Op deze pagina wordt volstaan met voorbeelden die voor een groot gedeelte nog actueel zijn en wellicht voor een deel verdwenen. Veel van deze beelden zouden ook een inspiratiebron voor het stedelijke gebied kunnen vormen. Er worden tevens globale richtlijnen gegeven voor het vegetatiebeheer.-